Nederlandse betrokkenheid: 1996-heden. Krijgsmachtdeel: marine, landmacht, luchtmacht, marechaussee.
Achtergrond Na de dood van de Joegoslavische leider Tito en de ineenstorting van het communisme verloor de centrale regering in Belgrado langzaam maar zeker haar greep op de deelrepublieken. In juni 1991 riepen de deelrepublieken Kroatië en Slovenië hun onafhankelijkheid uit. In beide deelrepublieken resulteerde dit in een interventie van het Joegoslavische federale leger. Dit leidde tot gevechten die vooral in Kroatië hevig waren. De internationale gemeenschap stuurde waarnemers, onder wie Nederlandse, naar Kroatië en Slovenië. De deelname van ons land aan deze European Community Monitoring Mission vormde de eerste inzet van Defensiepersoneel in voormalig Joegoslavië. In de jaren nadien zouden als reactie op de ontwikkelingen in de verschillende deelrepublieken steeds opnieuw Nederlandse militairen worden uitgezonden naar de Balkan. Concentreerde de inzet zich in het begin op Kroatië en Slovenië, later werden vooral Bosnië-Herzegovina en Kosovo het middelpunt. Daarnaast zijn er in het kader van de operaties in en rond voormalig Joegoslavië of als gevolg van de gebeurtenissen daar, Nederlandse militairen ingezet in landen als Albanië, Italië.
Nederlandse deelname Op dit moment zijn circa 500 Nederlandse militairen ingezet op de Balkan. Het merendeel hiervan is gestationeerd in Bosnië-Herzegovina als onderdeel van de Stabilisation Force (SFOR). Daarnaast spelen zich nog verscheidene andere operaties af. Zie hiervoor: overige huidige Balkan-operaties. In december 1995 werd het Dayton Peace Agreement gesloten, dat de onafhankelijkheid van Bosnië-Herzegovina regelde. Onderdeel hiervan vormt de stationering van een multinationale vredesmacht. Tot eind 1996 ging het hierbij om de Implementation Force (IFOR) waar ons land militair aan bijdroeg. In december 1996 werd de Stabilisation Force als opvolger van IFOR in het leven geroepen. SFOR heeft tot doel een actief aandeel te leveren in het stabiliseren van de vrede. Ook draagt de vredesmacht bij aan de civiele wederopbouw. SFOR kent een indeling in drie sectoren. In Sector Noord zijn Amerikaanse militairen gestationeerd en in Sector Zuid-Oost Franse. In Sector Noord-West (voorheen Sector Zuid-West) zijn Britse, Canadese en Nederlandse militairen gestationeerd. Bij de Nederlanders gaat het om een gemechaniseerd bataljon en een nationaal ondersteuningselement. Voor wat de verbindingen betreft, participeert Nederland in de multinationale CIS eenheid van MNB(NW). De Nederlandse militairen in Bosnië zijn vooral gestationeerd in Bugojno. Ons land levert tevens personeel ten behoeve van het hoofdkwartier en de staven van SFOR. Ten slotte zijn Nederlandse militairen ingedeeld bij verscheidene staven, hoofdkwartieren en kleinere eenheden in het kader van SFOR. De staven en hoofdkwartieren bevinden zich deels op de Balkan, maar deels ook daarbuiten, zoals bijvoorbeeld in Italië.
De Koninklijke Luchtmacht houdt vier F-16's, een KDC-10 tanker/transportvliegtuig en een Fokker 60 in de "Medevac"-uitvoering (medische evacuaties) in Nederland paraat voor inzet op de Balkan. Daarnaast staat op afroep ook een P-3C Orion II maritiem patrouillevliegtuig op Marinevliegkamp Valkenburg voor inzet ten behoeve van SFOR.